Inspiratie

Vrij (er is geen afstand nodig)

Er zijn altijd mensen die je zullen zeggen je in te houden. Je niet te tonen. Je echte gevoelens binnen te houden, ze in te slikken.

Er zijn mensen die jou als bedreiging zien wanneer jij vrij beweegt en je waarheid spreekt. Je liefde laat stromen, je vrije aard.

Ze zullen je nawijzen, en anderen zoeken die er net zo over denken. Ze willen dat je onzichtbaar bent. Want jouw vrije liefdevolle aard doet hun zo’n pijn.

Het eigen verdriet mag niet gevoeld worden. 

En ik zeg je:

Blijf stromen, blijf vrij, leef! Laat niemand je vleugels afknippen ook niet door hen die zelf ooit gekortwiekt zijn en jouw vrijheid niet kunnen aanzien.

Stijg op, spreid je vleugels en zie vol compassie naar ieder mens die hun gekwetst zijn op jou projecteert.

Ga ze voor en gun ieder mens zijn eigen tranen, haar eigen weg naar het licht, zijn eigen leven.

Laat je gevoelens zien, de expressie in je ogen, dans als je gelukkig bent of laat je tranen lopen.

Laat je nooit meer zeggen wat te doen. De oorlog is voorbij. Er is geen afstand nodig. Liefde is altijd dichtbij.

Liefde is vrij.

Je zag het de hele tijd juist!

Iedereen ziet het de hele tijd juist. Maar je bent meegegaan met iets buiten jezelf: je vader of moeder, de kudde waarin je bivakkeerde, de leraren die vooral ‘stof’ gaven ipv. geest en leven, valse geliefden die vooral iets bij je wilden halen, mensen die zich je baas noemden terwijl je weet dat dat niet bestaat, niet kan en niet is. 

Je zag het altijd juist. 

En ook nu; je weet wat veilig is en wat niet. Een menigte heeft je altijd al bevreesd. Dichtbij zijn hoeft niet helemaal te worden afgeschaft; je weet bij wie het kan en bij wie niet. Je bent te lang meegegaan in het systeem, de wetten die jouw wetten niet zijn, de regels die jou zeggen wat wel en wat niet. En je weet dat jij de route van je eigen bestaan als enige juiste leidraad mag zien en volgen. Niemand bepaalt jou. Je bent vrij.

Geen big brother die het ziet, alleen maar jij.

Je zag het altijd juist.

De weg naar vrijheid

Onder het lijden ligt een verborgen schaamte, een heimelijk gevoel dat we niet helemaal oké zouden zijn. 

Onder de last ligt een schrijnend verhaal van het kind dat nooit vastgehouden is, wat geremd werd, die te horen kreeg anders te moeten zijn dan hoe ze was. Het kind wat bang was anders buitengesloten te worden.

De bereidheid van het kind was groot te voldoen. De liefde was zo groot dat ze zich onwetend voegde naar iets wat ze niet was. 

En nu ze groot is is haar stem verstild, haar trots bezoedeld, de vrijheid gesmoord. Ze is een keurige aangepaste burger geworden en ze lijdt…

Er is hoop. Er zijn mannen en vrouwen die die hoop omarmen als een lichtstraal door de wolken op een sombere dag en een veld ontdekken waarin het kind opnieuw wordt gekust, gestreeld en vooral serieus wordt genomen in haar prachtige zuivere kinderlijke onschuld. 

Waar de angst verdwijnt dat ze verlaten zal worden wanneer ze haarzelf weer helemaal mag laten zien omdat er een liefde is die insluit en niet langer uitsluit. Een plek waar ze mag ontdekken wat dat inhoudt: onvoorwaardelijkheid.

Er is een weg terug naar dat heerlijke Zelf. De route er naar toe is het verlangen zo vrij jezelf te mogen zijn als je ooit bent geweest voor ze je klein kregen. Dat is de route, dat is de hoop. Dat is de weg naar vrijheid.

Loslaten

ik ben gegroeid mijn beste vriend
mijn reis gaat nu naar oorden
van zachte groei ontwikkeling
van stilte, weinig woorden

er is een plek, daar reis ik heen
daar waar mijn waarheid woont
waar liefde vrij mag stromen
mijn tranen vrij beloond

er is een plek waar ik mag zijn 
wie ik ten diepste ben
geen grimas of een leuk verhaal
geen mop die ik meer ken

men noemt het onvoorwaardelijk
de liefde op die plek
ik voel me zacht ontspannen daar
het is er ruim, geen hek

die mij weerhoudt er vrij te gaan
door buik en geest en hart
ik ben gegroeid mijn beste vriend
niet langer meer verward

ik neem het niet zoals het komt
ik merk dat ik ga staan
voor wat mijn ziel belangrijk vindt
niet langer in de waan

dus reis ik verder zonder jou
jij kan er niet echt bij
ik doe het nu op mijn manier
want zo voel ik me vrij

mijn eigen tempo, eigen reis
ik vlieg boven het bos
waar in jij woont, mijn lieve vriend
en toch laat ik je los

ik dank je en ik eer je hier
het waren mooie jaren
toch moet ik gaan, mijn beste vriend
dank dat wij samen waren

Een verhaal

Er was eens een man. Hij was niet goed in relaties. Zolang het wel goed ging was hij de fijnste geliefde, de meest positieve en betrokken partner die je je maar kon voorstellen.

En soms waren er dagen bij dat er een ondragelijke spanning was in het huis waar hij woonde samen met zijn geliefde. Ze kenden en herkenden de liefde in elkaar maar hadden eerder nooit geleerd hoe ze elkaar konden bereiken wanneer er een conflict was.

Hij nam alle opmerkingen persoonlijk en werd gemeen in zijn uitlatingen tegen haar. Hij greep de macht. Hij deed alsof zij de schuld was van iedere ruzie. En waarom? Laat het me je vertellen van dat wat ik er van weet.

De man was natuurlijk ooit kind geweest; het jongste kind van vier. Hij was de laatste en het meest onverwachte geluk wat zijn ouders nog konden verwachten. Hij bracht licht in een uitzichtloos bestaan.

Zijn moeder vertroetelde hem en gaf hem wat hij maar wilde. Ze wist dat hij de laatste zou zijn die ze zo klein bij zich mocht houden. Dat triggerde haar angst hem te verliezen.

En hij leerde nooit hoe het was om kritiek te krijgen, afgewezen te worden. Hij werd geliefd. En het verdrietige was: zijn broertjes en zus kregen minder en minder aandacht van vader en moeder die zo op de kleinste gericht waren.

Moeder had 10 maanden voor de geboorte van deze baby haar dierbare vader verloren. Ze was ontroostbaar, haar vader die zo zielsveel van haar hield was nu weg. Ze voelde een onpeilbare leegte.

En tot ieders verbazing werd ze onverwacht zwanger en groeide in haar een kind die ze bij voorbaat al haar redding noemde, de redding en haar troost. Ze zag het nieuwe leven als geschenk van God om haar te troosten in haar verdriet.

Kort voor de bevalling waren er complicaties en de dokter zei haar dat er grote kans was dat zij de bevalling niet zou overleven. De moeder kwam terecht in een doodsangst die ze nooit eerder zo had gevoeld. Haar bloeddruk steeg, haar krampen namen toe.

De man warover ik sprak, de baby dus, moet dat gevoeld hebben in de van oorsprong oerveilige bedding waarin hij lag.
De hemel kreeg de spanning van de hel. Misschien is daar de basis gevormd voor zijn grote angst verlaten te worden door alles wat hij kende. Hij had geen verweer.

Hij werd best snel geboren in goede gezondheid en de voorspelling van de dokter kwam gelukkig niet uit; op het kaartje stond ‘moeder en zoon maken het goed’.

Maar tot de dag van vandaag zit ergens in zijn bange genen die grote angst verlaten te worden door dat wat hem het dierbaarst is voor dat wat voor al zijn veiligheid staat.

En hij heeft het nooit willen zien, nooit zo begrepen tot hij zijn lief tegenkwam. En ze zag een man die alles onder controle had en haar spiegel, die ze hem gaf, niet kon verdragen.
Een vrouw die alleen maar bij hem weg wilde wanneer hij de macht nam, het wilde bepalen. En hij heeft zelf nooit gezien dat hij dat deed uit angst verlaten te worden, bang voor de totale ontreddering.

Nooit, nee dat is niet waar. Er kwam een nacht dat de zon doorbrak die het zo duidelijk maakte dat hij nog te leren had niet langer bang te hoeven zijn verlaten te worden. Zijn lief hield zoveel van hem daar mocht hij op leren vertrouwen. Zij wilde soms alleen maar wat ruimte die hij haar juist dan niet kon geven, uit angst verlaten te worden.

En alleen dit besef kon hem redden en zou kunnen maken dat hij leerde hoe om te gaan met de angst voor verlies.

Die nacht was vannacht.
Die moeder was mijn moeder.
Die lief is mijn liefste.
En die man?
Die man, dat ben ik.

Bert